Unieke Biomassacentrale in Andijk: 90% Lagere NOx-emissie dan Aardgasketels en Gasmotoren

In Andijk is onlangs een nieuwe biomassagestookte warmte-krachtcentrale in bedrijf genomen voor de productie van warmte en elektriciteit uit snoeihout. Onafhankelijk uitgevoerde emissiemetingen, door een overheid gecertificeerde instantie, tonen aan dat deze schone biomassacentrale zeer weinig emissies uitstoot. De centrale heeft met succes het eerste stookseizoen doorlopen.

Uit deze metingen is ook gebleken dat dankzij toegepaste reinigingstechnieken het mogelijk is biomassa te stoken met aanzienlijk lagere NOX-emissie (stikstofoxiden) in vergelijking tot het verstoken van fossiel aardgas. De NOx-emissienorm voor biomassacentrales is 145 mg/Nm3 rookgas. Aardgasketels stoten 70 mg/Nm3 rookgas uit. Uit recente metingen blijkt dat de biomassacentrale in Andijk zeer weinig NOx uitstoot: < 3 mg/Nm3 rookgas. En dit met een relatief geringe hogere investering van 2-3%.

Lage emissiegarantie

HoSt, ontwerper en leverancier van de biomassacentrale, garandeert een NOx-emissie van maximaal 30 mg/ Nm3. De warmte geleverd door deze centrale wordt dan al met 60% minder NOx geproduceerd in vergelijking met gasketels. Zodra de rookgassen in de kassen van de omliggende glastuinbouw worden geleid, zullen ook de huidige gasmotoren uit bedrijf gaan en wordt de NOx-emissie met circa 90% gereduceerd. De rookgassen zijn reeds voldoende schoon om in de nabije toekomst direct in de kassen te injecteren voor de noodzakelijke CO2-bemesting voor de groei van de gewassen.  De emissie-praktijkwaarden, gemeten door het onafhankelijke en door de overheid gecertificeerde meetbedrijf Emissie- en Luchtkwaliteitsmetingen B.V., toont aan dat de praktijkwaardes nog veel lager zijn.

Ook andere emissies zijn zeer laag. De (fijn)stofemissie is slechts 0,5 mg/Nm3, waar grote afvalverbrandingsinstallaties (AVI’s) aan de eis van 5 mg/Nm3 moeten voldoen. CxHy (koolwaterstoffen) is beneden detectieniveau. De CO (koolstofmonoxide) is vergelijkbaar met de CO-emissie van een aardgasketel. De AVI’s in Nederland voldoen aan zeer strenge milieunormen en maken gebruik van schone stooktechnieken. De metingen tonen dat de biomassacentrale op alle fronten schoner stookt; in de praktijk worden waardes behaald die tot wel 90% lager zijn dan  de grenswaardes waaraan een AVI moet voldoen.

Betere benutting van biomassa

De biomassa die in dergelijke centrales wordt gestookt is enkel afkomstig uit Nederland. Dit in tegenstelling tot houtpellets die worden geïmporteerd. Sterker nog. Uit gegevens van Probos, een stichting die zich inzet voor duurzaam bosbeheer en een duurzame houtsector, blijkt dat bijna 40% van de Nederlandse biomassa nog wordt geëxporteerd en niet wordt benut in eigen land. Naast hout zijn vele reststromen in Nederland aanwezig die niet worden benut. De biomassacentrale in Andijk is toekomstbestendig ontworpen, zodat andere biomassa, zoals riet, ruimingsafval uit de kassen en papierslib in de toekomst ook kunnen worden verstookt.

In Nederland worden geen bomen gekapt voor de productie van hout-chips. Hout is in eerste plaats kostbaar. De kostprijs van houtsnippers ligt rond €35 à €40/ton, terwijl de kostprijs van planken meer dan €1000/ton is. Gekapte bomen gaan niet naar een versnipperingsbedrijf, maar naar houtzagerijen of naar de papierindustrie. Biomassa bestemd voor kleine biomassacentrales (<20 MWt) is afkomstig uit snoeihout, wegen- en plantsoenonderhoud en composteerinstallaties en afval van houtzagerijen. Daarnaast komt biomassa vrij om landschapselementen, zoals houtwallen, heidevelden of beschermde planten, te onderhouden en te behouden. Het ingezette snoeihout is altijd gecertificeerd met het duurzaamheidskenmerk NTA8080 die door een onafhankelijke auditor wordt afgegeven. Een jaarlijkse controle is onderdeel van de procedure. De Europese Unie (EU) erkent dit kenmerk en het voldoet aan de eisen van de richtlijn hernieuwbare energie. Dit kenmerk waarborgt dat het hout duurzaam is geproduceerd, verwerkt en verhandeld. Dit in tegenstelling tot biomassa bestemd voor bijstook in kolencentrales of in houtpellet-gestookte ketels. Deze biomassa wordt geïmporteerd.

Goedkoopste & schone oplossing

Weliswaar is voor de realisatie van deze centrale een hogere investering nodig geweest dan voor een conventionele biomassaketel. Maar het is een grote sprong voorwaarts en een onmisbare bijdrage aan de energietransitie en aan de onafhankelijkheid van (Gronings) fossiel aardgas. Het is de langjarige milieutechnische, maatschappelijke en politiek-bestuurlijke wens dat de glastuinbouwsector en andere sectoren verduurzamen. Deze schone biomassacentrale voorziet de omliggende glastuinbouw van schone energie en bovendien in de toekomst van noodzakelijke CO2-bemesting. Warmte en elektriciteit produceren met een moderne biomassacentrale kan al tegen circa 5 ct/kWh en is daarmee een van de goedkoopste oplossingen om CO2-emissiereductie te bewerkstelligen.